Nieuwe hosting – lees dit eerst!

De weblog Theoblogie wordt vanaf medio december gehost door Provident. Klik op onderstaande link om de vernieuwde weblog met daarop nieuwe artikelen te lezen.

Klik hier om de vernieuwde weblog Theoblogie te bezoeken.

Ziet gij de tekenen der tijden dan niet? – door Marc Mulders

Marc MuldersVolgens de Maya’s komt de ondergang van de wereld op 21 december 2012. Niet zozeer de ondergang is voorspeld meent Marc Mulders, maar veeleer de transitie naar een betere wereld na een periode van onrust en chaos. Marc Mulders is beeldend kunstenaar en auteur van de glossy Apokalyps die op 14 januari 2012 in Museum Catharijneconvent wordt gepresenteerd

De Apokalyptische literatuur is van groot belang in de geschiedenis van de joods-christelijk-islamitische traditie, aangezien de overtuigingen zoals de verrijzenis uit de doden, de dag des oordeels, de hemel en de hel daarin alle expleciet worden gemaakt.

De Apokalyps is geschreven door de apostel Johannes rond het jaar 90, op het eiland Patmos, waar hij een visoen, een openbaring kreeg, waarin Jezus hem opdroeg zeven brieven te schrijven aan de christenen van zeven geloofsgemeenschappen die gebukt gingen onder de Romeinse overheersing.

Het is een tekst over het vergaan van de wereld, het einde van de geschiedenis en de terugkeer van Jezus die als het ware de hemel op aarde vestigen zal. Je zou bijna zeggen een virtuele wereld, want Johannes schrijft dat er in die prachtige nieuwe wereld geen zon of maanlicht nodig is, omdat simpelweg God door zijn aanwezigheid alleen alles verlichten zal.

Door deze paradijselijke vergezichten te schetsen gaf de schrijver hoop aan de door de Romeinen onderdrukte christenen. Johannes verhaalt pagina’s lang over dood en verderf, kommer en kwel. Met elke pagina neemt de duisternis toe, maar aan het eind gloort er dus licht; er is voor de lezer een uitzicht op een nieuw begin, op betere tijden. Hiermee is het van een verhaal voor de toehoorders in het jaar 90 geworden tot een verhaal voor elke generatie daarna; over de tijdloze overwinning van het goede over het kwade, en de evolutie van de eenwording van de hele mensheid en de vergeestelijking van de materie.

Verder lezen

We worden losers, als we niet op elkaar kunnen rekenen – prof. dr. Frits de Lange

Frits de LangeHet nieuwe boek van prof. dr. Frits de Lange In andermans handen dat deze maand verscheen bij Uitgeverij Meinema neemt het op voor de zorg. Niet door te lobbyen voor de zorg als bedrijfstak of groeisector voor werkgelegenheid, maar door tot de kern door te dringen waar zorg aan ontspringt: het basale feit dat ons leven – voor een deel of helemaal – in andermans handen ligt. Samenleven is gebaseerd op het vertrouwen dat anderen mij niet laten vallen. Gebeurt dat wel, dan – en dan pas – ben ik verloren. We worden losers, als we niet op elkaar kunnen rekenen. Aan de hand van het werk van de Deense theoloog Knud Lűgstrup licht De Lange zijn visie toe. Bekijk het video-interview met prof. dr. Frits de Lange:

De Moslimgemeenschap in ons land verdient respect – door rabbijn Lody van de Kamp

rabbijn

De Moslims? Nergens zijn ze in en rond het debat in de Tweede Kamer over Koosjer en Halal slachten te bekennen. Waarom sluiten zij niet de rijen? Waarom laten ze niet één stem horen?
De Joodse gemeenschap heeft de organisatie, de Moslims hebben de massa. Samen zouden we het toch moeten kunnen redden. Ook in de jaren tachtig hebben zij de Joden het werk laten doen. Hun stem hoorde je toen ook al niet.

In het publieke debat van de afgelopen maanden werden bovenstaande uitspraken veelvuldig gehoord. In een radiodebat, nog maar enkele dagen geleden, kreeg het CMO, het Contactorgaan Moslims en Overheid, opnieuw het verwijt dat zij zich nauwelijks roerde en dat zij de belangen van de Islamitische gemeenschap in Nederland zou verkwanselen.

Zelf had ik het genoegen de afgelopen maanden met en te midden van de Moslimgemeenschap gezamenlijke standpunten in te nemen en belangen te verdedigen met betrekking tot het ritueel slachten. Wij waren samen in gesprek in de gebouwen van de Eerste en de Tweede Kamer. Wij bezochten samen fractiebijeenkomsten. Wij ontmoeten elkaar tijdens expert meetings.

Daardoor is bij mij wel een ander beeld ontstaan over de inzet en de participatie van de Islamitische gemeenschap in Nederland en de beeldvorming daarover dan de hierboven geschetste.

Hoe zit de situatie feitelijk in elkaar? Verder lezen

Hoe worden de doden opgewekt? Een genegeerde vraag met verrassende antwoorden – door dr. Harmen de Vries

Op zoek naar de contouren van het opstandingsbestaanHet mag op zijn minst opmerkelijk worden genoemd dat in protestantse kerken in Nederland de opstanding niet zelden wordt vergeestelijkt. Wanneer Nico ter Linden rond Pasen2011 ineen vraaggesprek in het NRC zijn visie op de opstanding van Jezus geeft, dan horen we (opnieuw) dat Jezus niet is opgestaan, in ieder geval niet lichamelijk. Zo uitgesproken als Ter Linden het zegt, zal menig voorganger het niet zeggen, maar op heel wat kansels wordt met Ter Linden de opstanding teruggebracht tot de wetenschap dat het verhaal van Jezus doorgaat of dat de geest van Jezus ons blijft bezielen. Met een lichamelijke opstanding kunnen we weinig meer.

Dat de opstanding wordt vergeestelijkt is dáárom opmerkelijk, omdat in het klassieke joodse spraakgebruik opstanding altijd een lichamelijke aangelegenheid is (in het heidense spraakgebruik rond het begin van onze jaartelling was het niet anders). De voormalige joodse farizeeër Saulus wijdt niet voor niets als de apostel Paulus in zijn eerste brief aan de Korintiërs een uitgebreide paragraaf aan de opstanding van het lichaam. Liefst twintig verzen besteedt hij aan de vraag hoe (lees: met wat voor lichaam) de doden worden opgewekt. Ik heb de vraag die Paulus in 1 Korintiërs 15 beantwoordt tot titel van mijn boek gemaakt en onderzocht hoe met name Paulus en de bijbelse evangelisten tegen de achtergrond van het Oude Testament en de intertestamentaire literatuur over het opstandingsbestaan spreken. Verder lezen

OVER TIJD EN EEUWIGHEID – door prof. dr. Gerard Dekker

Bij Uitgeverij Meinema verscheen onlangs het Thematisch dagboek, 366 teksten van Dietrich Bonhoeffer, samengesteld door Bonhoefferkenner Gerard Dekker. Elke maand wordt ingeleid door een toelichting van Gerard Dekker, terwijl voor elke dag een tekst uit het verzamelde werk van Dietrich Bonhoeffer wordt aangeboden. Hieronder de inleiding van de maand december en twee dagteksten van Bonhoeffer.

Inleiding bij december door prof. dr. Gerard Dekker:
Bonhoeffer noemt de tijd het kostbaarste goed waarover we beschikken en daarom moeten we daar bewust mee omgaan. Dan hoeven we niet over verloren tijd te spreken. De door ons beleefde tijdelijkheid mogen we ook niet minachten of verwaarlozen met het oog op de eeuwigheid. Want: als u de eeuwigheid wilt vinden, dien dan de tijd. En dat staat, typisch voor Bonhoeffer, gelijk aan: als u God wilt, houd u dan aan de wereld.

Maar als de tijd met de dood voor ons ophoudt, wat dan? De kerk kan op de vraag waar onze doden zijn niets anders doen dan op God wijzen en zeggen dat ze bij God zijn. Er bestaat geen kennis over de doden zonder Godsgeloof. Expliciet zegt Bonhoeffer dat het christendom geen onsterfelijkheidsgeloof kent. Dus dood is dood, het einde van het leven? Nee, want er komt een nieuwe wereld, en ik en u zullen daarbij zijn.

Verder lezen

Kerksluiting vooral een groepsproces? – door Mr. drs. J.C. Schaap

De komende tien jaar zullen er in Nederland circa 1100 kerkgebouwen gesloten worden. Dat is 110 sluitingen per jaar, oftewel: ruim twee sluitingen per week. Het gaat dan over 25% van alle huidige kerkgebouwen. Veel betrokkenen zullen dan dit handboek Meer dan hout en steen willen raadplegen. Een boek dat een soort coproductie is van protestant en katholiek Nederland, met aandacht voor juridische en pastorale aspecten en voor erfgoed en cultuur. Het is wetenschappelijk en praktisch.

Perspectieven
In het eerste deel, ‘Perspectieven’, schetst Henk de Roest de achtergronden van kerksluiting. Wat zijn de oorzaken? Hij somt een groot aantal factoren op die wisselend worden gewogen. Zoals de leiding van de kerk, demografische factoren als mobiliteit en moderne communicatiemiddelen, de afname van middelen en mensen (speciaal de jongeren), verschuiving van de betekenis van de kerk voor het geloof (een cultuur van kiezen in plaats van plichten), samenwerking met andere kerken en zeker ook: innerlijke secularisatie – wanneer ook kerkmensen vervreemden van de kerk. ‘Er is een relativisme binnen de kerken gekomen dat fataal wordt geacht voor gezamenlijk gedeelde overtuigingen’ (blz. 51). Opvallend is de uithaal naar autonomie: ‘Wie autonomie hoog in het vaandel heeft staan, moet weinig van een kerk, en overigens ook weinig van een religieuze levenshouding in het algemeen, hebben’ (blz. 61). Opvallend is ook de slotzin van dit hoofdstuk: ‘Ook na 2020 zijn er nog meer dan 3000 kerkgebouwen in Nederland… tenzij het Koninkrijk van God morgen aanbreekt en de mensen zullen kunnen wonen in een “huis met vele woningen” ’ (blz. 75).

Verder lezen

Dokus over ‘kerkplanting’

Dokus over ‘kerkplanting’
(Uit: de Dokus Scheurkalender)

Secularisatie of woede? De onderliggende gedachtegang bij beperking van godsdienstvrijheid – door Lody van de Kamp

Dagboek van een verdoofd rabbijn

De afgelopen maanden, tijdens al die gesprekken rond het ritueel slachten, kwam steeds die ene vraag naar boven. Wat zit er nu precies achter die gedrevenheid van al die voorstemmers voor een verbod op ritueel slachten? Honderdzestien van de honderdvijftig Tweede Kamerleden kiezen uiteindelijk voor het korten van burgers op hun rechten van godsdienstvrijheid. Is het de absolute zorg om dierenwelzijn die hun daartoe brengt? Van een Partij voor de Dieren, die tegen iedere vorm van slacht is, kan ik mij dat voorstellen. De meeste van haar volgelingen die ik de in de nu achter ons liggende periode heb gesproken eten helemaal geen vlees. Dierenwelzijn is hun credo. Maar deze fractie vertegenwoordigt slecht twee zetels in de Kamer. Van al die andere fracties eten heel wat leden vlees. En niet alleen tijdens de barbecue op het Binnenhof maar ook elders. Tijdens bijeenkomsten, dinertjes, recepties worden dierlijke producten genuttigd zonder dat op dat moment vragen worden gesteld waar die bitterballen en kippeboutjes nu eigenlijk vandaan komen.

Nee, het kunnen niet alleen maar dierenwelzijnszorgen zijn. Is het dan antisemitisme of Islamofobie? Nee, onder de voorstemmers zitten ook moslims of Joden die ik onmogelijk van zoveel zelfhaat kan betichten dat zij dat door middel van hun stem in de Kamer ook zichtbaar willen maken. Rest dus nog de optie van secularisatie. Met de opkomst van allerlei maatschappelijke bewegingen in onze samenleving, een ontwikkeling die al tijdens de emancipatie in de 18e eeuw is begonnen, is de invloed van religie op ons dagelijks bestaan steeds minder geworden. Stromingen zoals socialisme, communisme, humanisme en nog vele anderen zijn gaandeweg een stempel gaan drukken op het leven in de openbare ruimte.

Verder lezen

Sinterklaas en het referentiekader van de hoorder: wat de gerichtheid op het zelf betekent voor kerk en geloof – door Hanneke Schaap-Jonker

Sint, Sint, Sinterklaas
Makkers, staakt uw wild geraas
De zorgen aan de kant
Sint is in het land.

De periode rond 5 december is altijd weer een leerzame tijd. Het geloof dat aan de goedheiligman gehecht wordt of niet meer, de liturgie rond Sinterklaas, en de psychologische functies van dit feest geven soms een verrassend zicht op geleefd geloof en spiritualiteit in traditioneel -religieuze zin. Het is jammer dat de Sint nu weer naar Spanje afreist, want hij heeft mij dit jaar weer nieuwe inzichten opgeleverd. Nu wordt wat je ontdekt en wat je opvalt in een bepaalde situatie in belangrijke mate bepaald door het referentiekader dat je hebt. Anders gezegd: ‘de bril waarmee je kijkt’ of de ‘oren waarmee je hoort’ bepalen tot op zekere hoogte wat je ziet en hoort. Hoe deze dynamiek werkt, heb ik van verschillende kanten ervaren rond de publiekslezing die ik in het kader van de maand van de spiritualiteit heb gehouden in Groningen. Het kwam zowel naar voren in de belangstelling van de pers alsook in de manier waarop ikzelf kijk naar kerkdienst en preek. Beide aspecten komen aan de orde in deze blog na een korte weergave van de publiekslezing.

Ik geloof in mezelf: religie en spiritualiteit in een uitblinkcultuur was de titel van de lezing, waarin de gestalte en de rol van het zelf in onze huidige cultuur uitvoerig aan de orde kwamen. In een cultuur waarin zelf, zelfgevoel en zelfwaardering centraal staan, en waarin presteren, ambities waarmaken en gezien worden essentieel is, is een gezonde psychologische ontwikkeling van het zelf een ingewikkelde opgave. Immers, als mensen hebben wij twee ontwikkelingstaken te volbrengen. Allereerst moeten we leren om relaties aan te gaan met anderen en om verbonden te zijn met de wereld om ons heen. In de tweede plaats moeten we zelf iemand worden en binnen de matrix van relaties ons eigen ik ontwikkelen. Autonomie en individualiteit zijn daarbij belangrijk. Het is de kunst om deze twee taken in balans te houden en zowel verbonden te zijn met anderen alsook zelfstandig, autonoom te functioneren. Verder lezen